De Griet van Groningen

 

(Borgmanschool, locatie Jacobijnenstraat, groep 8, 13 oktober 2011)

 

Groningen, 1672

 

Een explosie scheurt door het huis heen. Houtsplinters regenen op hen neer. Grietje roept: “Waar is pap?!”

“In de kelder!” schreeuwt Jan terug. “We gaan hem redden!”

“Help me overeind!” zegt Grietje. Ze is nogal rond en zwaar en het lukt niet zomaar om op te staan. Jan had moeite om haar op haar voeten te krijgen.

Ze lopen naar de keldertrap, maar er is een obstakel. Grietje gooit haar gewicht in de strijd en duwt de dakbalk aan de kant. Jan rent snel naar beneden, Grietje wacht even, hijgend. Dan loopt ze ook naar beneden. Ze ziet Jan op de grond. Hij huilt. Opeens ziet ze het lichaam van haar vader op de grond liggen. Grietje gilt: “Wat is er gebeurd?!”

Door de rook ziet Grietje het: haar vader is omringd door bloed, met een knalrode bol naast hem op de grond. Grietje zakt door haar knieën, naast Jan en begint ook te huilen.

*

Later, als de buren hebben geholpen hun vader weg te brengen, gaat Grietje terug de kelder in. Ze pakt het grote, ronde, zware ding en spoelt het af in een emmer water. Ze rilt. Het is een kogel, een kanonskogel, met het teken van Bommen Berend erop. Met moeite tilt ze het ding naar boven, waar Jan droevig naar het gat in hun dak zit te kijken. Grietje laat zien wat ze ontdekt heeft en Jan wordt rood van woede. Tegelijkertijd ziet ze ook het verdriet in zijn ogen. Net als zij zou Jan Bommen Berend willen wurgen, maar nog liever zouden ze hun vader terug hebben.

*

Grietje vindt het vreselijk dat haar broer zo verdrietig is. Een idee om wraak te nemen draait door haar hoofd. De kogel terugschieten naar Bommen Berend! Maar waar haalt ze een kanon vandaan? De soldaten van de stad zullen hen niet zomaar gebruik laten maken van de kanonnen. Ze kijkt door het raam naar buiten en ziet op de Vismarkt het grootste kanon van de verdedigers staan. Ze heeft een idee en wenkt Jan.

*

’s Avonds laat rennen Jan en Grietje naar buiten, naar de Vismarkt. Grietje zegt tegen Jan: “Hou jij de wacht, dan kijk ik wanneer we kunnen.”

Ze wachten tot de wachters weg zijn. Dan rennen ze naar het kanon. Snel stoppen ze kruit in de loop, dan pakt Grietje de kogel uit Jans handen. De kogel rolt in de loop.

De wachters hebben hen gehoord en een paar komen terug.

“Hé, wat moet dat daar!” roept er een. Jan grijpt een fakkel en steekt de lont aan. De wachters trekken een sprintje en Grietje stapt geschrokken achteruit. Ze struikelt! Met haar hele gewicht komt ze tegen de achterkant van het kanon aan. Het ding verschuift een stukje. Jan probeert haar overeind te trekken, maar dan zijn de soldaten er al. Jan pakt de laadstok en slaat uit angst om zich heen. Hij raakt een soldaat op zijn hoofd. De knal op de helm klinkt als een klok. De wachters laten Grietje los om hun maat te helpen.

Jan en Grietje rennen zo hard mogelijk weg. Achter hen gaat het kanon eindelijk af en de kogel die hun vader gedood heeft, zoeft door de lucht, terug naar Bommen Berend.

*

Bommen Berend kijkt omhoog, als hij een fluitend geluid hoort. Hij staat naast één van zijn kanonnen en kijkt met grote ogen toe, hoe een kanonskogel precies in de loop van zijn kanon landt. Het ding ontploft direct en de stukken ijzer vliegen hem om de oren. Bommen Berend kan nog maar net wegduiken. Hij weet direct dat dit een teken is: hij zou nooit winnen hier! Met zijn leger vlucht hij zo snel mogelijk Groningen uit, terug naar Munster. Hij hoort het gejuich uit de stad niet.

*

De wachters van het kanon zoeken Jan en Grietje op. Niet om ze te vangen en te straffen, maar om ze te bedanken en om hun excuses aan te bieden. Als dank voor het duwtje van Grietje noemen ze het kanon naar haar: de grote Griet!

Op 13 oktober 2011 geschreven door: Mats, Salwa, Anne, Evita, Sieger, Sep, Marloes, Munkhod, Eline, Cesar, Cheikh, Rick, Louis, Juana, Mieke, Zita, Tobias, Maurice, Baris, Jamal, Sam, Yoeri, Jelle, Madeline, Zoë en Orion tijdens Schat zoekt Vinder op School met Martijn Lindeboom.