Vijandelijke liefde

 

(Groningse schoolvereniging, groep 5B, 17 februari 2012)

 

Groningen, 1672

1

Lodewijk werkt voor Bommen Berend. Hij moet de poort van Groningen openen voor Bommen Berend’s leger. Hij is een spion en hij is heel gemeen.

Hij komt de stad binnen door het moeras en zwemt door de gracht, hij klimt over de muur en valt, hij heeft bloed, maar gelukkig voor hem is niemand wakker geworden.

2

Maria ligt in bed, haar vader maakt haar wakker om te vragen of ze wil helpen. “Moet ik nu al helpen?” vraagt ze aan haar vader.

“Ja, je moet nu al helpen, er zijn vroege klanten, bak maar alvast brood.”

“Ja, ja,” zegt Maria met een diepe zucht.

Ze komt naar de keuken en gaat aan de slag met het deeg wat brood moet worden. Ze maakt het helemaal klaar en stopt het dan in de oven. Ze loopt naar buiten om tegen haar vader te zeggen dat het brood in de oven zit, dan ziet ze een nieuwsgierige jongen. Ze kijkt even naar hem en maakt er dan een praatje mee.

3

Lodewijk praat met Maria en denkt: wat een mooi meisje. Met haar wil ik trouwen, ze is zo mooi! Ik ga niet meer vechten voor Bommen Berend, want dan ben ik haar vijand. Als ik hier help, mag ik misschien trouwen met haar.

Lodewijk hoort allemaal bommen in de lucht. Hij loopt naar Maria toe en zegt: “Kom we gaan samen schuilen, dan kunnen we elkaar verhalen vertellen.”

Ze loopt met hem mee, kijkt nog even over haar schouder en ziet haar vader ook dekking zoeken.

“Wat voor verhalen dan?” vraagt ze.

“Zoals waar je bang voor bent,” stelt Lodewijk voor.

4

Maria vertelt dat ze bang is voor Bommen Berend. Lodewijks besluit staat vast: ik mag Bommen Berend niet helpen, maar ik moet de stad helpen.

Maria wordt steeds banger, door alle bommen en kanonskogels die op de stad vallen en dat merkt Lodewijk. Hij zegt: “Geen zorgen Maria, ik help je.”

Maria kijkt hem angstig aan en vroeg: “Help je me echt?”

Hij glimlacht. “Ja, echt.”

5

Lodewijk meldt zich bij generaal Rabenhaupt van de verdedigers van de stad en zegt dat hij de stad verdedigt en helpt. Hij krijgt een taak als bewaker en hij doet goed zijn best.

Dan gaat Lodewijk weer naar Maria en hij vertelt over hoe hij haar en de stad helpt. Maar een tijdje daarna, als Lodewijk denkt dat hij veilig is, wordt hij herkend.

6

Lodewijk en Maria zijn al een tijdje bij elkaar, ze zijn samen al heel gelukkig. Maria komt een man tegen, die brood komt kopen. Hij is net terug uit het kamp van de vijand, waar hij gevangen zat. Hij staart naar Lodewijk, die Maria’s vader helpt in de winkel. De man vertelt aan Maria dat Lodewijk bij Bommen Berend werkt.

Maria schrikt en gaat direct naar Lodewijk en vraagt of dat echt zo is.

Lodewijk kan niet tegen haar liegen en vertelt dat het inderdaad zo is.

Maria is heel boos en de generaal komt er ook achter. Lodewijk wordt het land uitgestuurd.

 

Niemand weet wat er met hem gebeurd is en of hij na het Gronings Ontzet nog teruggekomen is naar Groningen.

 

Op 17 februari 2012 geschreven door: Karlijn, Aniek, Victor, Jules, Emilie, Noud, Corine, Sofie B., Gertjan, Bronthe, Roos, Lars, Sam, Luna, Mart, Roderick, Maysam, Rutger, Sterre, Isabelle, Sofie D., Robert-Jan, Stan, Rik, Carlien, Catrina, Elise, Evan en Xara, tijdens Schat zoekt Vinder op School met Martijn Lindeboom.